Bezoek aan de bruinkoolgroeve IndenOp 2 juli hebben we de bruinkoolgroeve Inden bezocht, die de bruinkool voor de elektriciteitscentrale Weisweiler levert. Nadat 42 personen in Maastricht, Heerlen en Aken waren opgehaald, is de bus naar het bezoekerscentrum van RWE Power bij de centrale Weisweiler gereden. Weisweiler ligt in het zogenaamde "Rheinische Braunkohlerevier" tussen de steden Aken, Keulen, Mönchengladbach en Düsseldorf. In dit gebied zijn enorme bruinkoolvindplaatsen, die in dagbouw afgebouwd worden. Naast de relatief kleine groeve Inden zijn er nog verdere groeves zoals Garzweiler en Hambach, die de centrales Frimmersdorf, Neurath en Niederaußen verzorgen, zoals op de kaart (bron RWE Power AG) te zien is.
In het bezoekerscentrum werd aan hand van een maquette van een bruinkoolgroeve uitleg gegeven over hoe de afbouw in zijn werk gaat. De groeve ‘wandelt’ op de maquette van links naar rechts. Rechts graven grote baggers met schoepenwielen (al naar gelang het type tussen 110.000 en 240.000 kubieke meters per dag) de grond boven de kolenlaag en de kolen zelf af. Via transportbanden gaat de afgegraven aarde naar de tegenoverliggende kant van de groeve, waar ze weer gestort wordt. De bruinkool gaat ook via transportbanden naar de centrale, met tussenstops in twee kolenbunkers, die als buffer en als mengstation gebruikt worden. De grond, die gestort wordt, wordt in lagen opgebouwd, zodat daarna weer functionerende bodem met één of meer grondwaterlagen, zandlagen, kleilagen en löss ontstaat.
Na de uitleg zijn we met de bus door een oud en een nieuw dorp gereden. Voor de afbouw van de bruinkool moeten hele dorpen verhuisd worden. Deze operatie wordt compleet door RWE betaald, maar alle beslissingen over hoe het nieuwe dorp er uit komt te zien, welke voorzieningen er zijn, waar de mensen in het nieuwe dorp gaan wonen enz. worden door de inwoners getroffen.
Aansluitend zijn we naar het uitzichtpunt bij de "kleine Indemann" gereden (de grote Indemann is een 36m hoge staalconstructie, die een paar kilometer verderop staat en eveneens een uitzichtpunt is). Van hieruit krijgt men een goed overzicht van een deel van de bruinkoolgroeve Inden.
Het was een meevaller dat de grond niet te nat was en dat een bagger in de buurt van de verharde weg stond. Daardoor konden we met de bus tot dicht bij Bagger 255 rijden, één van de oudste en kleinste baggers van RWE. Deze ‘kleine’ bagger is echter nog steeds een indrukwekkend gevaarte, dat nog altijd 190m lang en 80m hoog is.
Vanaf de bagger zijn we naar de andere kant van de groeve gereden, waar de recultivering plaatsvindt. Hier wordt de grond gestort, die aan de overkant afgegraven wordt. Bij deze recultivering wordt geprobeerd weer een werkend ecosysteem op te starten. Door dit gebied stroomt de rivier de Inde.
Tot slot zijn we nog in de kolenbunker gaan kijken, waar de kolen vanuit de groeve tijdelijk wordt opgeslagen en gemengd, om een constante kwaliteit te verkrijgen. Van hieruit worden de kolen via een transportband naar de centrale vervoerd.
Na deze informatieve morgen zijn we in restaurant Hongunlai gaan eten. Downloads |